GebruikersmenuClose

Menu

Menu

Wist u dat?

Er een slang is die van kleur kan veranderen?

kapuas modderslang

De slang is ontdekt in Borneo en heeft de naam Kapuas modderslang gekregen.

Beoordelingen

maltezer ( 5 beoordelingen )
gele-dovenetel ( 4 beoordelingen )
kippen ( 3 beoordelingen )
dagpauwoog ( 2 beoordelingen )
hondsdraf ( 2 beoordelingen )
Powered by Spearhead Software Labs Joomla Facebook Like Button

Konijn - Oryctolagus cuniculus

Konijn - Oryctolagus cuniculus - 5.0 / 5 gebaseerd op 1 gebruikerswaardering

Inhoud:
Beschrijving | Huisvesting | Voeding
Het zieke konijn | Voortplanting


Konijn

Konijn

 

Beschrijving

Het wilde konijn is de stamvader van alle thans bestaande tamme konijnenrassen.

Het behoort tot de familie van de haasachtigen, maar staat wel als soort op zichzelf.

Tot voor kort werd altijd gezegd dat het konijn tot de familie van de knaagdieren behoorde, maar algemeen wordt in (biologische) wetenschappelijke kringen het konijn gerekend tot de familie van de haasachtigen.

De latijnse naam is (Oryctolagus cuniculus) , hetgeen betekent: gangengraver, aard(graaf)konijn.

Wanneer de mensen begonnen zijn met het houden van (tamme) konijnen is niet met zekerheid te zeggen.

Wanneer we Darwin erop nalezen waren er al tamme konijnen bekend in de dagen van Confucius in China.

Dit is zeer goed mogelijk, gezien de vroegtijdige beschaving van dit volk en zijn grote liefde voor huisdieren.

In Europa echter zal het omstreeks de tijd van de Romeinen geweest zijn, dus zo'n 2000 jaar geleden.

Van een doelmatige fok en tam maken was echter geen sprake.

De dieren waren wild en werden gehouden in parken en teelden zich op natuurlijke wijze voort.

Uit duisland dateert echter een bericht, van omstreeks 1407, waarin gezegt wordt, dat de Grootmeesters van de Duitse orde tamme konijnen hielden.

 

Huisvesting

Alvorens konijnen te gaan houden moeten we eerst bij ons zelf te raden gaan of we het te houden dier de drie navolgende basisvoorwaarden kunnen geven.

  1. Kunnen we het konijn op een plaats zetten waar het voldoende licht krijgt?
    Dieren in het algemeen, die geen daglicht hebben en/of krijgen zullen minder goed gedijen.
    De dieren gaan treuren, verliezen eetlust, en kwijnen langzaam weg.
  2. Naast de noodzakelijk hoeveelheid licht, moeten we ons afvragen of het konijn over voldoende frisse
    lucht kan beszchikken.
    Dus het konijn niet in een muffe stal of schuur zetten.

    Tip: Let er wel op dat de dieren niet op de tocht staan. Tocht is de grootste vijand van ieder levend wezen.

  3. Kan het konijn over voldoende bewegingsvrijheid beschikken?
    Een goede dierenspeciaalzaak heeft een prachtige collectie konijnenhokken te koop, die
    ongetwijfeld ook aan uw wensen voldoen.
    Voor de echter doe-het-zelver is het soms een uitdaging om zelf een konijnenhok te maken.
    Je eigen fantasie en ideeën loslaten in het bouwwerk is eveneens een onderdeel van deze hobby
    waar 'leven' in zit.

 
Konijn

Deze pluizebol heet angorakonijn

 Konijnenberg

Als u het woord konijnenberg hoort moet u zich een hoop grond voorstellen van ongeveer 1 meter hoogte met een diameter van minimaal 3,5 meter.

Leuk voor mensen, die een deel van hun tuin of erf hiervoor beschikbaar hebben.

In deze berg is op een diepte van 75 cm een uit kunststof bestaand buizenstelsel aangebracht.

Tip: Door het centrum van het buizenstelsel iets hoger te leggen dan de uiteinden zal er nimmer regenwater in blijven staan.

De fundering van de konijnberg moet uit gaas bestaan om ontvluchting van de konijnen en binnendringen van andere ongewenste diersoorten te voorkomen.

De konijnenberg moet bedekt zijn met een mooie grasmat, waarop de dieren naar hartelust kunnen huppelen en knabbelen.

Het is een lust voor het oog om onze dieren deze bewegingsruimte te kunnen bieden.

Plaatsing van het konijnen(buiten)hok

Konijnen kunnen goed tegen winterse omstandigheden en kunnen dus ook tijdens de wintermaanden buiten gehouden kan worden.

Tip: Eenmaal buiten is buiten, en eenmaal binnen blijft binnen, zeker in de wintermaanden.
(De pels past zich aan de omgevingstemperatuur aan).

Wanneer we tijdens de wintermaanden de pelzen van de konijnen inspecteren zien we dat de buiten gehouden dieren een vastere pels hebben dan hun soortgenoten, die binnen gehouden worden.

Wanneer een konijn binnen gehouden wordt moet ze op een plaats staan die beslist niet vochtig en slecht geventileerd mag zijn.

Tevens zijn af te raden een donkere/vochtige kelder, een varkens of runderstal.

Een varkens- of runderstal heeft bijna altijd een te hoge luchtvochtigheid.

Wanneer we het konijnenhok buiten hebben staan, moeten we constant alert zijn dat de achterzijde van het hok naar de wind is gekeerd, de hoek waar tocht vandaan komt, is afgeschermd en inval van sterke zonnestralen wordt vermeden.

Konijnen die in de volle zon staan en geen plaats hebben om zich hieraan te onttrekken lopen een grote kans, door uitdroging van de traanklier, oogontsteking te krijgen.

Tip: Zet een konijnenhok met de voorzijde naar het Oosten of Noorden.
Het nog zwakke morgenzonnetje kan beslist geen kwaad voorde dieren.
In de wintermaanden moet men echter wel oppassen voor de schrale wind uit het Oosten.

 


hangoor

hierboven een hangoor, een leuk konijnenras

 Noodzakelijke ruimte en afmetingen

Hieronder zijn de minimale afmetingen weergegeven, waarin we onze dieren naar eer en geweten kunnen huisvesten.

  • Grote rassen (vanaf 5 kilogram lichaamsgewicht) 100 cm breed, 80 cm diep en 65 tot 75 cm hoog.
  • Midden rassen (tussen 3 - 5 kilogram lichaamsgewicht) 80 cm breed, 80 cm diep en 65 cm hoog.
  • Kleine-, en dwergrassen (tot 3 kilogram lichaamsgewicht) 60 - 65 cm breed, 80 cm diep, 50 - 55 cm hoog.

Bovengenoemde maten zijn de maten die aan de binnenkant van het hok gemeten moeten worden, en bestemd zijn voor de huisvesting van 1 dier.

Met bovenstaande afmetingen moet men er echter wel vanuit gaan dat groter mag, maar kleiner beslist niet.

Het konijnenhok hoeft beslist niet dieper te zijn dan 80 cm.

Wanneer we het hok dieper gaan maken wordt het steeds moeilijker het hok tot in de verste hoeken te reinigen.

Bij een diepte van 80 cm kan het konijn ver genoeg wegkruipen om voldoende bescherming te vinden bij regen en sterke zonnestralen.

 


Konijnenren

boven: een goed voorbeeld van een konijnenren

 Type omvang van een zelf te bouwen hok

Wanneer we meer dan één dier willen houden is het raadzaam om eerste te bezinnen welk doel we voor ogen hebben om meerdere konijnen te gaan houden.

Willen we nakweek, of willen we zomaar een paar gezelschapsdieren.

Wanneer we nakweek wensen is het noodzakelijk twee afzonderlijke ruimten te hebben, waar we de voedster en de ram gescheiden kunnen houden.

Zijn we beslist niet van plan om met deze dieren te kweken, raad ik aan twee dieren van het zelfde geslacht te nemen, die ook bij elkaar gehouden kunnen worden.

Het konijnenhok moet minimaal aan de eerder omschreven maten voldoen, waarbij de bodem het beste gemaakt kan worden van geploegd en geschaafd hout van 18 - 24 mm dikte, met daarop een lattenrooster.

De urine van de dieren loopt dan naar beneden en kan worden opgevangen in een kattenvulling die op de bodem ligt.

Ook kunnen we de konijnen houden op een laag stro en houtschaafsel, waarin de urine ook goed wordt opgenomen.

In plaats van een lattenbodem is zogeheten nertsengaas te gebruiken als bodemrooster.
Vooral bij angorakonijnen is die aan te raden.

De lange beharing is snel besmet met urine en laat direct gele sporen achter in de pels.

De zijwanden en het dak kunnen gemaakt worden van watervast verlijmd multiplex, dat zich gemakkelijk laat reinigen en geen vochtproblemen kent.

Tip: Laat de bodemplaat van een konijnenhok ongeveer 1 - 1,5 cm naar achter afhellen, waardoor de urine via een gootje aan de onderzijde van het hok kan lopen.
(Maak dan eerst, van achteren, enkele gaten in de bodemplaat)

De mest- en urineproblemen kunnen we ook ondervangen door een mestlade onder het latten- of gaasrooster aan te brengen.
Op deze wijze is reiniging van het hok zeer eenvoudig waarbij het konijn niet uit het hok hoeft te worden genomen.

Tip: Wanneer we een gaasrooster aanbrengen moeten we erop letten dat we gaas gebruiken met de dikst mogelijke draad, dit om verwondingen te voorkomen.

Huisvesting binnen

Tegenwoordig kunnen we in de dierenspeciaalzaak ook zeer goede kooien verkrijgen.
De in deze winkels aangeboden kooien zijn perfect en voldoen aan alle eisen.
Deze kooien zijn tevens zeer geschikt om in huis te kunnen neerzetten.
Het is heel leuk om een konijn in huis te hebben, maar het heeft ook zijn nadelen.

  • Het konijn is van nature een dier dat buiten woont. Buiten heeft het altijd frisse lucht, geen bak-, braad- en rookluchten.
  • Oppassen geblazen voor kinderen die allergisch zijn voor konijnen. Wanneer de dieren buiten gehouden worden is bij een eventuele allergie het nadelige effect beslist minder.
  • Konijnen laten altijd een typische konijnengeur achter.

Voeding

Om te weten te komen wat konijnen eigenlijk eten moeten we de natuur in om te zien wat hun wilde soortgenoten op het 'menu' hebben.

Als we onze ogen de kost geven zien we dat wilde konijnen in de eerste plaats planten en kruiden eten.

Gelet op dit gegeven weten we dat het darmstelsel veel korter is dan van vleeseters.

Nu moeten we niet direct uit de startblokken komen om langs de wegen en dijken planten en kruiden te gaan snijden, die dan vervolgens aan onze konijnen gevoerd worden.

Gelukkig loopt het gebruik van chemische spuitstoffen de laatste jaren terug, maar de konijnenliefhebber is bij deze gewaarschuwd.

Zeker langs wegen hebben we te maken met verwaaide spuitstoffen, die op akkers door landbouwers worden gebruikt.

Ook moeten we rekening houden met giftstoffen, die uit de uitlaat van passerende voertuigen in de grasbern neerkomen.

Allemaal schadelijke stoffen, die niet in het voeder van onze dieren thuishoren.

Op dit moment zijn de grote voederfabrikanten volledig ingespeeld op de behoeften en wensen van onze dieren.

Een volledig voer, in de vorm van dwergkonijnenvoer en gemengd konijnenvoer is in de goed gesorteerde dierenspeciaalzaak, voorhanden.

Geen tekorten, geen gifstoffen, maar een volledig uitgebalanceerd voer is toch datgene wat we onze dieren willen voortzetten.

Wat geven we ons konijn te eten?

  • De voeding van jonge konijnen bestaat in zijn eerste levensweken uitsluitend uit moedermelk.

Tip: Vergeet niet dat moederkonijn tijdens het zogen tweemaal zoveel vocht nodig heeft als buiten de zoogperiode.

  • Vanaf het moment dat de jonge konijnen worden gespeend (het moment dat de jongen op een leeftijd van ongeveer 7 à 8 weken van moeder worden gescheiden), moeten we opassen met het klakkeloos voeren van allerlei voeders. Voor het jonge dier is het een hele overgang om van moedermelk over te gaan op vast voedsel.
  • Naast het bovengenoemde voer geven we het konijn altijd hooi ter beschikking. Hooi is een lichtverteerbaar voer dat de dieren graag opnemen en je hoeft ook niet bang te zijn dat ze hier teveel van krijgen. Naast hooi en konijnenvoer moeten de dieren gedurende de gehele dag over fris drinkwater kunnen beschikken.

De hoeveelheid voeder per dag

Over de hoeveelheid voer per dag kunnen slechts richtlijnen gegeven worden.

De hoeveelheid voer is in eerste instantie afhankelijk van de grootte van het dier, het jaargetijde (warmte of koude) waarin we op dat moment verkeren, en de tijd waarin gezoogd wordt.

Afhankelijk van boven aangehaalde punten, zal de voederopname tussen de 100- 150 geam per dag liggen.

Enkele regels omtrent het juiste voederpatroon zijn:

  • Voer regelmatig, liefst twee tot drie maal per dag, in kleine porties. Dat is beter dan eenmaal per dag een volle bak. De dieren die een volle bak krijgen, eten zich direct vol en gaan liggen. Bij de vollebak methode wordt de maakg en het darmkanaal volledig gevuld en de lust om rond te scharrelen en te spelen is weg. Het worden lome en inactieve dieren door onze eigen schuld.
  • Dieren die meerdere keren, en op vaste tijden gevoerd worden blijven graag in de buurt van hun voederplaatsen. Ze komen direct naar de voederbak en nemen datgene tot zich wat ze nodig hebben. Ook wordt bij het nastreven van deze voedermethode weinig of geen vermorst.

Drinkwater                                  

  Drinkflesje

Zorg ervoor dat een konijn altijd vers drinkwater ter beschikking heeft.

Het mag gegeven worden uit een drinkfles en drinkbakje dat aan het gaas bevestigd is.

 

 

 

Tip: Bewaar konijnenvoer altijd DROOG, KOEL en DONKER.

 

Het zieke konijn

Aan de afwijkende ontlasting van het konijn kunnen we vaak zien dat het dier niet in orde is.

Normaal gesproken moet een konijn harde ronde keuteltjes produceren.

Natte uitwerpselen die aan het achterlichaam blijven kleven zijn het signaal van de darmstoornis of ziekte.

Diarree

Bij diarree is het beslist niet eenvoudig om direct de oorzaak vast te stellen.

Allereesrst gaan we na wat het konijn de laatste dagen hebben gevoerd.

Was het vochtiug gras, of ander vochtig groenvoer.

Is het de overgang van het ene voer op het andere voer.

Ook kan het zijn dat we oud en beschimmeld voer aan ons dier hebben gegeven.

Zoals u u ziet, vele oorzaken kunnen de aanleiding zijn van dit ongerief.

Om de darmen weer in evenwicht te krijgen beginnen we met het konijn alleen droogvoer te geven, met daarnaast wel voldoende drinkwater.

Diarree heeft als nadelig effect een groot verlies aan vocht.

Als oud huismiddeltje wordt hooithee vaak gebruikt om de darminhoud weer in optimale conditie te brengen.

Neem voor de bereiding van hooithee een paar handen hooi, doe dit in een bak of emmer en overgiet het hooi vervolgens met kokend water.

Laat de thee een nacht trekken en geef het vervolgens aan de zieke dieren te drinken.

Het resultaat is verbluffend.

Reeds na enkele uren zal verbetering optreden.

Ook rijstewater heeft goede eigenschappen ter genezing van diarree.

Kook een kopje rijst in twee liter water in tien minuten gaar.

Vang het kookvocht op en laat het, wanneer het is afgekoeld door het konijn drinken.

Eerst wordt dit vocht vermeden, maar als het konijn echt dorst gaat krijgen wordt het beslist gedronken.

Voortplanting

Een vrouwtjeskonijn is tussen de 4en 9 maanden geslachtsrijp, doch het is aan te bevelen geen paring in het eerste levensjaar te laten plaatsvinden.

Laat het dier eerst volledig uitgroeien.

Als dan tot een nafok wordt besloten wordt de ram (mannetje) bij de voedster (vrouwtje) geplaatst, waarna, in de vruchtbare periode van het vrouwtje, de paring binnen enkele minuten zal hebben plaatsgevonden.

Na de paring worden de konijnen direct gescheiden.

Bij twijfel aan een goede bevruchting kan de ram een dag later wederom bij de voedster geplaatst worden om nogmaals de dekking te doen plaatsvinden (de lengte van de vruchtbaarheidscyclus is 15 - 16 dagen)

Is de voedster niet vruchtbaar dan zal ze de ram bijten en verjagen; hieraan is te zien dat de geslachten direct weerr gescheiden moeten worden.

Een herdekking, een week na de eerste dekking, is beslist af te raden.

Reden hiervan is, dat een konijn een dubbele baarmoeder heeft waardoor het werpen van de jongen dan kan gescheiden met een tussentijd van een week, wat niet goed is voor de voedster.

Is het de eerste keer dat een voedster moet werpen, moet de ram zo ver mogelijk van de voedster gehuisvest worden.

De geur van de ram roept bij de voedster, die juist haar jongen heeft geworpen, nervositeit op, waardoor zij haar jongen kwaad kan berokkenen (het gewicht van pasgeboren konijnen bedraagt ongeveer 100 gram).

De jongen zijn speenrijp (de leeftijd waarop de jongen van hun moeder kunnen worden gescheiden) op een leeftijd van ongeveer 8 weken.


Kleine Konijn

Hierboven zie je kleine konijntjes met de moeder

5 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 Waardering 100% (1 Beoordeling)

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Nieuws - Dieren

Recent bezocht

Laatste reacties