Bergkorenbloem - Centaurea montana


Inhoud:
Beschrijving | Bloeitijd | Standplaats |
Verzorging | Gebruik | Varia | Andere soorten


Bergkorenbloem 

Bergkorenbloem

 Beschrijving

De Bergkorenbloem is 20-40 cm hoog,dicht, met gewoonlijk onvertakte, opgaande, maar vrij slappe stengels; breidt zich vrij snel uit door ondergrondse uitlopers.

Bladeren ovaal-langwerpig, min of meer gaafrandig, spinnewebachtig behaard, alngs de stengel aflopend.

Bloemen verenigd in tot 6 cm grote, alleenstaande hoofdjes met roodachtige schijf en blauwe straalbloemen (zgn. lokbloemen).

In cultuur vindt men meestal de cv.'s:

Mooi,maar minder algemeen zijn cv. 'Alba', met witte bloemen, en cv. 'Rosea' (syn. cv. 'Carnea'), met roze bloemen.

 Bloeitijd

De Bergkorenbloem bloeit van mei tot juli.

 Standplaats

De Bergkorenbloem zet je bij voorkeur zonnig, maar ook halfschaduw.

De Bergkorenbloem stelt weinig eisen aan de bodem; bij voorkeur vochthoudend, goed gedraineerd en niet te licht.

Verdraagt goed kalk en tijdelijke droogte.

 


korenbloem 

Korenbloem - Centaurea dealbata

Verzorging

De bergkorenbloem is een sterke, gemakkelijke plant, maar vrij slordig en rommelig op voedzame bodems: is te voorkomen door tijdig rijshout aan te brengen.

Uitgebloeide bloemen wegnemen verlengt de bloeitijd.

Om de 3 jaar in het vroege najaar scheuren houdt de planten mooi van vorm.

 

Gebruik

De plantdichtheid voor de Bergkorenbloem is 6 tot 9 planten per m² .

Vooral geschikt voor een plaats vooraan de border; niet onaardig langs heester- en bosranden of in de verwilderde tuin.

Met veel planten te combineren; vooral goed met Nepeta, Geranium, Papaver, Verbascum, Lupinus en Campanula glomerata.

Verdraagt goed zeelucht.

 


Gele korenbloem 

Gele Korenbloem - Centaurea macrocephala

Varia

De naam Centaurea is een verwijzing naar de legendarische centaur (half mens, half paard) Chiron, die in de Griekse mythologie de opvoeder en geneesheer was van Achilles.

De bloemen van C. cyanus en C. montana zijn geneeskrachtig en worden nog steeds gebruikt als oogwater.

 

Andere soorten

Er zijn ongeveer 500 soorten, waarvan slechts een beperkt aantal met voldoende sierwaarde voor de tuin.

Vermeldingswaardig zijn:

Mooi met Salvia nemorosa en Campanula persicifolia of latiloba.
Nauw verwant is C. hypoleuca cv. 'John Coutts', een iets lagere soort die geen steun behoeft; bloemen dieproze; bloeit rijker en bijna ononderbroken van juni tot oktober.

Zeer mooi achteraan in de border samen met Delphinium, ook voor verwildering in gras of solitair tegen een donkere achtergrond; prima snij- en droogbloem (distelachtig).