Wilgenroosje - Epilobium angustifolium
Inhoud:
Beschrijving
Bloeitijd
Voorkomen
Bijzonderheden
Soorten
Kenmerken

Wilgenroosje
Het wilgenroosje groeit tot 150 cm hoog.
Deze plant draagt smalle, langwerpige bladeren die verspreid langs de stengel staan.
Boven aan de stengel bevinden zich de rechtop staande, aarvormige bloeiwijzen, die sterk opvallen door de grote, dieproze bloemen.
Na de bloei verschijnen de langwerpige doosvruchten met talrijke, van een pluizige haarkuif voorziene zaden, die net als bij de Paardenbloem door de wind verspreid worden.
Het Wilgenroosje bloeit van juni tot augustus.

Prachtige bloemen van het wilgenroosje
De plant koloniseert kapvlakten in bossen, wegbermen en heidevelden.
Het wilgenroosje komt ook voor in de bergen, op beschutte plaatsen tussen rotsen en in struwelen.
Het wilgenroosje is tamelijk algemeen, vooral op kapvlakten en na bosbranden kan de plant zich massaal uitbreiden.
In de naam Wilgenroosje komt tevens de gelijkenis van het blad met dat van wilgen tot uit drukking.
Andere Epilobium soorten hebben meestal kleinere bloemen en kortere bloeiwijzen.
Epilobium fleischeri blijft lager en komt alleen in de Alpen voor.

Het Wilgenroosje
De viertallige, grote bloemen met roodachtige kelkbladen zijn iets onregelmatig van vorm en lijken op lange stelen in de bloeitros te staan.
De ‘steel’ is echter in feite het vruchtbeginsel, dat zich later ontwikkelt tot een doosvrucht met pluizige zaden.
Epilobium fleischeri groeit in de Alpen, tot een hoogte van ruim 2500 m



