GebruikersmenuClose

Menu

Menu

Wist u dat?

Leeuwen gemiddeld zo'n 30 a 40 keer per dag met elkaar paren in de paartijd?

leeuwen koppel

Gedurende ongeveer 6 a 7 dagen paren de leeuwen iedere 20 minuten.

Beoordelingen

maltezer ( 5 beoordelingen )
gele-dovenetel ( 4 beoordelingen )
kippen ( 3 beoordelingen )
dagpauwoog ( 2 beoordelingen )
hondsdraf ( 2 beoordelingen )
Powered by Spearhead Software Labs Joomla Facebook Like Button

Beschrijving Kevers

De kevers, deze uitzonderlijk soortenrijke orde behoort tot de groep der insecten met volledige gedaanteverwisseling.

Van de meer dan 350.000 beschreven soorten is amper 1 procent inheems in onze streken.

Ook de verscheidenheid mag er wezen:

Naast vormen die nauwelijks 0,3 millimeter halen, zijn er echte reuzen bij, zoals een ongeveer 16 centimeter lange Zuid-Amerikaanse boktor, die hieronder afgebeeld staat.

 

de zuid-Amerikaanse boktor is de grootste kever

De zuid-Amerikaanse boktor is de grootste van alle kevers

Even groot is de verscheidenheid qua levenswijze.

Keverlarven hebben in de regel drie goed ontwikkelde paren looppoten aan hun borstsegmenten.

Er zijn echter ook madeachtige larven met amper ontwikkelde, maar zelden geheel ontbrekende poten.

Net als bij de volwassen kevers werken de monddelen van de larven hoofdzakelijk bijtend, zelden stekend/zuigend.

Heel wat larven hebben een rovende levenswijze, andere leven op en van planten.

Als schadelijk beschouwt men vooral de larven die zich een weg knagen door hout (“houtworm”) of die aan plantenwortels vreten (engerlingen).

De larven van waterkevers leven eveneens in het water, veelal voorzien van tra cheeënkieuwen om te ademen.

In het popstadium hult het dier zich in de regel niet in een nauwsluitende cocon (vrije poppen). Het omhulsel bestaat vaak uit een mengsel van drek, klierafscheiding, aarde en andere producten die niet uit het dier zelf komen.

Typerend voor de kevers zijn de sterk verharde voorvleugels (dek schilden) waaronder de vliezige vliegvleugels bescherming vinden.

Aangezien het tweede vleugelpaar meestal langer is dan het eerste, zijn de vleugels veelal keurig samengevouwen.

 

Bij de kortschild kevers (Staphylinidae) is dat een bij zonder complexe aangelegenheid.

Tijdens het vliegen worden de dek schilden doorgaans onbeweeglijk uitgespreid, zoals de vleugels van een vliegtuig.

Ze houden de kever in de lucht dankzij de opwaartse luchtdruk.

Zelden blijven de dek schilden tegen het lichaam, zoals bij de gouden tor.

Heel wat soorten kunnen bovendien niet vliegen omdat hun vleugels gereduceerd zijn.

De meeste kevers zijn voorzien van krachtige, kauwende monddelen.

Aangezien ze geen lange zuigsnuit hebben, komen ze wat bloembestuiving betreft alleen in aanmerking voor planten die hun nectar “open en bloot” aanbieden, bij voorbeeld de schermbloemige.

De facetogen van kevers zijn meestal behoorlijk ontwikkeld.

Alleen bij holtebewonende soorten zijn ze gereduceerd of afwezig.

Zeer vormenrijk is de verscheidenheid aan sprieten: bij de boktorren zijn ze vaak langer dan het keverlichaam, bij meikevers zijn ze kamvormig, bij andere soorten weer kort en ongedeeld.

Over het algemeen hebben kevers krachtige looppootjes, maar de ledematen kunnen ook omgebouwd zijn tot graafpoten of zwempoten.

Verschillende keversoorten kunnen geluid produceren dank zij aanpassingen die afhankelijk van de soort op een andere plaats van het lichaam zitten.

Bijna altijd wordt echter een scherpe rand over een geribbeld vlak gestreken.

In tegen stelling tot de sprinkhanen gebruiken de kevers hun geluid niet voor het lokken van een partner, maar om zich tegen vijanden te verdedigen.

Ze hebben dus zelf geen gehoororganen.

Eveneens om vijanden af te schrikken dienen de afweerklieren, waarmee een aantal soorten (bijvoorbeeld de bombardeerkever) bijtend vocht gericht kunnen spuiten.

Schrille waarschuwingskleuren zetten dergelijke afweermechanismen vaak kracht bij.

Heel wat groepen beschikken over lichtorganen die het vinden van een paringspartner vergemakkelijken.

Kevers voeden zich op heel uiteen lopende manieren.

Er zijn sterk gespecialiseerde roofkevers, bijvoorbeeld de lieveheersbeestjes die zich met bladluizen voeden of de vele loopkevers die slakken eten.

Ook de zuivere planteneters zijn vaak gespecialiseerd (bijvoorbeeld het populierenhaantje). Aas- en mestkevers spelen een belangrijke ecologische rol in de stofkringloop.

Zuivere parasieten zijn kevers zelden (bijvoorbeeld de in de beverpels levende “beverluis”).

Wel houden vele soorten er een commensale of symbiotische levenswijze op na in nesten van mieren of termieten.

1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 Waardering 0% (0 Beoordelingen)

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Nieuws - Dieren

Recent bezocht

Laatste reacties