GebruikersmenuClose

Menu

Menu

Wist u dat?

Er aardwormen zijn die meters lang kunnen worden?

aardworm

De South African Giant Earthworm spant de kroon met een record van 6,7 meter!
Er zijn verschillende aardwormsoorten die langer kunnen worden dan een meter.
In Australië leeft de Giant Gippsland Earthworm (Megascolides australis) die gemiddeld 80cm lang en 2cm dik wordt.
Deze worm kan echter wel 4 meter lang worden!
In Nieuw Zeeland leeft de North Auckland Worm.
Deze worm wordt zo'n 1,4 meter lang en 1,1cm dik.
Het bijzondere van deze worm is dat hij 's nachts zoveel licht geeft, dat je bij het licht van één worm kunt lezen.
In Oregon leeft de Oregon Giant EarthWorm (Driloleirus macelfreshi).
Deze worm wordt ongeveer een meter lang.
De worm geeft een geur af die aan bloemen doet denken. Driloleirus betekent dan ook 'lelie-achtige worm'.
Dan is er ook nog de South African Giant Earthworm.
Van deze soort is er in 1967 een exemplaar gevonden dat maar liefst 6,7 meter lang was!
Gemiddeld word een South African Giant Earthworm 'slechts' 1,8 meter lang.

Beoordelingen

rendier ( 3 beoordelingen )
rode-spoorbloem ( 1 beoordeling )
bosuil ( 1 beoordeling )
dagpauwoog ( 1 beoordeling )
maltezer ( 1 beoordeling )
Powered by Spearhead Software Labs Joomla Facebook Like Button

vink of botvink - Fringilla coelebs

vink of botvink - Fringilla coelebs - 5.0 / 5 gebaseerd op 1 gebruikerswaardering

Inhoud:
Kenmerken | Zang en roep | Verspreiding
Voortplanting | Volksnamen | Voedsel | Bijzonderheden | Video
 

vink of botvink

Vink ook wel boekvink, botvink of charlotte genoemd

 

Kenmerken

Een vink is ongeveer de grootte van een mus.

De vink is een vogel met dubbele witte vleugelband en witte buitenste staartpennen.

Door de opvallende kleuren is het mannetje van de vink makkelijk te herkennen, met name de blauwgrijze kop met de roodbruine wangen maakt de vogel onmiskenbaar.

het mannetje heeft een wijnrode onderzijde, bovenkop, achterhals en een deel van de zijhals zijn leiblauw en het voorhoofd is zwart.

In de winter is de kop minder duidelijk getekend doordat de grijze veren dan een bruin randje hebben.

In de loop van de winter en in het voorjaar slijten de bruine randjes van de veren zodat het onderliggende blauwgrijs weer goed zichtbaar wordt.

Het vrouwtje is minder opvallend gekleurd dan het mannetje, maar de twee witte vleugelstrepen op beide vleugels zijn ook bij het vrouwtje aanwezig.

Het vrouwtje is bruiner en de onderzijde is licht grijsbruin, de rug is olijfbruin.

De Vink is 15 cm en heeft een gewicht van 20 g.

Een vink vliegt in een golvende vlucht.  

 

Zang en roep

De Vink roept opgewonden 'pink', zacht 'foeied' of 'trrub'.

In de vlucht een kort ‘djuub’.

Bij regen een hees, 1 -lettergrepig ‘wruut’ of ‘huu-iet’, maar dat verschilt per gebied.

De zang van een vink is kwetterend voorgedragen, aflopende strofe met aan het einde een zwierig ‘tsitsitsitsitsiteroiti’, dat met korte pauzes telkens wordt herhaald.

Zingt van eind februari tot in midden juni.

Vinken roepen en zingen in verschillende streken meestal verschillend.

Deze zangvariaties, die men ook bij andere zangvogels ontdekt heeft, worden dialecten genoemd.

Jonge Vinken leren pas in het voorjaar het dialect van de eigen streek kennen via een naburige Vink.

De meest gehoorde roep van een vink is een kort ‘pink’, meestal wanneer hij zit.

 

vink - vrouwtje

Vink - vrouwtje

 

Verspreiding

De vink komt in heel Europa voor.

Komt in Midden-Europa in alle gebieden veel voor (waarschijnlijk de meest voorkomende vogelsoort), de vink is in bijna alle boombestanden te vinden.

De vink treft men aan in bossen en bosrijke streken met loof-, naald- en gemengde bossen, ook parken en tuinen, langs wegen in boomgaarden.

Men vindt de Vink zowel in het laagland als in het gebergte tot 2000 m boven zeeniveau.

De vink is een talrijk voorkomende vogel in het cultuurland.

 

vink - man

Vink - man

 

Voortplanting

De vink maakt een dikwandig nest in stamvorken en takvorken hoog in de bomen, gecamoufleerd met een buitenbekleding van korstmossen, insectenspinsel en spinrag.

Vanaf april tot juli legt het vrouwtje 3 - 6 eieren.

1 legsel per jaar, soms ook 2.

De 4 - 5 eieren (19 x 1 5 mm) hebben roze wolkjes en vlekken en zijn bezaaid met bruine stippen.

Het vrouwtje broedt gedurende 2 weken (12 - 14 dagen) alleen en drukt zich bij gevaar diep het nest in. .

De jonge vogels worden 12 - 15 dagen door beide ouders in het nest gevoederd, met insecten, larven, maar vooral met rupsen.

De jonge vogels verlaten het nest na ongeveer 2 weken.

 

jonge vinken

Jonge vinken

 

Volksnamen

Botvink, beukvink, boekvink, schildvink, boomgaardvink, slagvink, mosvink, bosvink, suskewiet, sneeuwvogel, zespenner, achtpenner, manevogel, St.-Jansvogel.

 

Voedsel

Vinken zijn vooral zaadeters.

Tijdens de broedtijd eet een vink vooral insecten en spinnen, dit is zelfs het voornaamste voedsel voor de jongen.

Verder eet een vink meestal zaden en vruchten van bodemplanten, ook bessen.

 

Bijzonderheden

Bijna overal, waar tenminste een paar bomen staan, leven Vinken, die tot de meest talrijke vogels behoren.

De Vink trippelt tijdens het foerageren met knikkende kopbewegingen over de grond.

zijn kenmerkende zang brengt hij ten gehore vanuit boomtoppen, soms vanaf leidingen.

Vinken bezoeken 's winters ook de voederhuisjes, waar ze naar op de grond gevallen zaden zoeken.

Vaak zoeken ze echter in grote zwermen, samen met andere vinkachtigen en gorzen, op akkers naar graan.

 

Video

Hieronder zie je een video van de vink

1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 Waardering 0% (0 Beoordelingen)

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Nieuws - Dieren

Recent bezocht

Laatste reacties