Vorming van stalactieten
Stalactieten zijn de bekende druppelvormige kalkformaties die aan het plafond van een grot hangen. Ze ontstaan wanneer regenwater via de bodem naar beneden sijpelt en onderweg koolzuurgas opneemt. Dit licht zure water lost kleine hoeveelheden kalk op uit kalksteenlagen. Zodra het water het grotplafond bereikt en druppel voor druppel naar binnen lekt, verandert de omgeving. Het koolzuurgas kan ontsnappen en de opgeloste kalk slaat neer als een heel dun laagje calciet.
Elke nieuwe druppel laat een minuscule rand kalk achter. Dat proces herhaalt zich honderden tot duizenden keren, waardoor langzaam een naar beneden groeiende naald of pijpvorm ontstaat. Zo groeit een stalactiet millimeter voor millimeter. De snelheid hangt af van factoren zoals de hoeveelheid neerslag, de temperatuur in de grot en de kalkconcentratie in het water.
Kenmerken van stalactieten
Stalactieten zijn altijd verbonden met het plafond en kunnen zeer verschillende vormen aannemen. Sommige zijn dun en hol, zogenoemde sodastraw stalactieten, andere worden dikker en kegelvormig wanneer ze verder doorgroeien. Hun oppervlak is vaak geribbeld omdat de neerslag van kalk niet overal even snel verloopt. De kleur varieert van zuiver wit tot lichtbruin of zelfs roodachtig, afhankelijk van de mineralen die in het water zijn opgelost.
Vorming van stalagmieten
Onder stalactieten vallen voortdurend druppels water op de grotvloer. Ook in die druppels zit opgeloste kalk. Wanneer de druppel op de bodem terechtkomt en daar even blijft liggen, verliest het water opnieuw koolzuurgas. Daardoor kan weer kalk uitkristalliseren, maar nu op de grond in plaats van aan het plafond. De eerste afzetting lijkt vaak op een klein kalkringetje of een miniem hoopje.
Na verloop van tijd stapelen zich meer kalklaagjes op deze plek. Zo groeit er langzaam een kegelvormige structuur omhoog: een stalagmiet. De vorm is meestal breder en massiever dan die van een stalactiet, omdat de kalk zich over een groter oppervlak kan verspreiden voordat het uithardt.
Kenmerken van stalagmieten
Stalagmieten staan altijd op de bodem van de grot. Ze hebben vaak een stompe top, omdat de druppel op de bovenkant uiteenvalt en de kalk in een kringetje wordt afgezet. Sommige stalagmieten groeien breed en laag, andere worden smal en hoog. Ook hier bepalen waterhoeveelheid, druipfrequentie en mineralen welke kleur en textuur de formatie krijgt. De structuur kan glad of bobbelig zijn, afhankelijk van hoe regelmatig het water druppelt.
Verschil tussen stalactieten en stalagmieten
Het belangrijkste verschil is de richting waarin ze groeien en waar ze zich bevinden. Stalactieten hangen aan het plafond en groeien naar beneden, terwijl stalagmieten op de vloer staan en naar boven groeien. Beiden bestaan meestal uit hetzelfde materiaal, voornamelijk calciet, en worden gevoed door hetzelfde water, maar op een andere plek in de grot.
Een praktische manier om ze uit elkaar te houden, is door te onthouden dat stalactieten zich vastklampen aan het plafond en stalagmieten uit de grond omhoog migreren. Wanneer een stalactiet en een stalagmiet elkaar uiteindelijk ontmoeten, kunnen ze samen één kolom vormen. Zulke zuilen zijn indrukwekkende getuigen van een extreem langzaam natuurlijk proces waar je als bezoeker aan een grot met extra aandacht naar kunt kijken.