Hoe helpen wetlands bij het voorkomen van overstromingen

Hoe helpen wetlands bij het voorkomen van overstromingen

Hoe werken wetlands als natuurlijke spons

Wetlands, zoals moerassen, rietlanden en getijdengebieden, functioneren als een enorme spons in het landschap. Ze nemen overtollig water op wanneer de neerslag toeneemt of rivieren buiten hun oevers dreigen te treden. Het water wordt tijdelijk vastgehouden in de bodem, in plantenwortels en in poelen en plassen. Daardoor stijgt het waterpeil in omliggende beken en rivieren langzamer en wordt de piek van een overstroming afgevlakt. Dit helpt zowel bij hevige regenval als bij hoogwater vanuit zee of grote rivieren.

Rol van bodem en planten in wateropslag

De bodem van wetlands is vaak rijk aan organisch materiaal en poreus, waardoor hij veel water kan opnemen. Planten zoals riet, zeggen en elzen vertragen de stroming van water en vergroten zo de tijd die het water heeft om in de bodem te zakken. Hoe langer water wordt vastgehouden, hoe kleiner de kans dat het in korte tijd een rivier of polder overspoelt. Dit natuurlijke retentiesysteem is bijzonder waardevol in laaggelegen gebieden zoals veel delen van België en Nederland.

Vertraging van afvoer naar rivieren en steden

Een belangrijk effect van wetlands is dat ze de snelheid waarmee water naar rivieren en stedelijke gebieden stroomt, verminderen. In sterk verhardde landschappen stroomt regenwater vrijwel direct naar riolen en waterlopen. In een gebied met wetlands volgt het water een langere, tragere route. De combinatie van waterberging en vertraagde afvoer verkleint de piekdebieten in rivieren en grachten, waardoor dijken en pompgemalen minder zwaar belast worden.

Bufferzones rond beken en rivieren

Wetlands die direct langs beken of rivieren liggen, werken als bufferzones. Bij hoogwater kunnen deze gebieden gecontroleerd onderlopen. Zo wordt de kracht van het water gebroken en krijgen stroomafwaarts gelegen dorpen en steden meer bescherming. In landbouwgebieden kunnen natte zones langs waterlopen helpen om modderstromen en snelle afvoer te beperken, terwijl ze tegelijk waardevolle leefgebieden vormen voor vogels, insecten en amfibieën.

Bescherming tegen kust- en rivieroverstromingen

In kustgebieden vormen wetlands zoals schorren en slikken een natuurlijke overgang tussen land en zee. Ze dempen de kracht van golven en stormvloeden voordat deze de dijken bereiken. Ook langs grote rivieren kunnen overstromingsvlaktes en uiterwaarden fungeren als een natuurlijke veiligheidsmarge. Door ruimte te geven aan water in deze natte gebieden, wordt de druk op kunstmatige waterkeringen aanzienlijk verminderd.

Combinatie met moderne waterbeheersing

Wetlands vervangen dijken, sluizen en pompen niet, maar versterken hun werking. Waar traditionele waterbouw vooral inzet op het zo snel mogelijk afvoeren van water, voegen wetlands een laag van buffering, infiltratie en vertraging toe. Overheden, natuurorganisaties en landbouwers werken steeds vaker samen om bestaande wetlands te herstellen of nieuwe natte zones te creëren. Voor bewoners betekent dit niet alleen minder risico op overstromingen, maar ook meer biodiversiteit, recreatiemogelijkheden en een aantrekkelijker landschap.

Door wetlands te behouden en waar mogelijk uit te breiden, bouwen we aan een veerkrachtiger watersysteem. Deze natuurlijke sponsgebieden vormen een onmisbare schakel in het voorkomen en beperken van overstromingen, nu en in de toekomst.